Rotterdam is een HUB. Dat is mooi natuurlijk, maar blijft het ook een HUB? Wat moeten we daar dan voor doen? Een rondreis door allerlei natte scenario's met Jarit de Gijt, toevallig wel een man met twee voeten stevig op de grond. Op het onlangs gehouden jaarcongres van KIVI NIRIA - Hup Holland Hub - is flink gebrainstormd over onze havens van morgen. Jarit de Gijt, ingenieur bij het Ingenieursbureau Gemeentewerken Rotterdam én docent aan de TU Delft, ligt de haven van Rotterdam na aan het hart, ook in de toekomst. Dat wil hij graag zo houden, zo als ook af te lezen is uit zijn presentatie Havens in 2050: glashelder en concreet. De Gijt: ‘Als je goed vooruit wilt kijken terwijl je niet weet wat er gaat gebeuren, dan moet je in scenario's denken. Als de olie op is, gaan we dan zeilen of nucleair? Wat betekent dat dan voor de ruimte in de haven? Al die opslagtanks kunnen dan natuurlijk weg. Wat gaan we met die ruimte doen? En nu fietst de klimaatverandering er weer doorheen. Het is net als met dat gif in de bodem onder woonwijken. Dan ontstaat er een enorme gekte en daarna komt alles tot rust en kunnen we weer dingen gedaan krijgen. We kunnen ons druk blijven maken over de duurzaamheid van de dingen die er zijn, maar alle dingen die in het verleden zijn verzonnen hebben hun reden gehad. Dat kan dus geen onzin zijn. Als het niet goed is moet je het beter maken. In Rotterdam zit duurzaamheid er tegenwoordig trouwens vaak in.' Om zijn punt te illustreren nemen we een simpele havenkade in gedachten. De Gijt zal dit jaar onder meer hierover een dissertatie publiceren: ‘We hadden in Rotterdam een kademuur gebouwd, en de vraag was eigenlijk: waarom bouwen we zoals we bouwen? Een oude havenkade gaat rustig 150 jaar mee (duurzaam genoeg), terwijl de eerste aanpassingen aan de Maasvlakte al na 20 jaar nodig waren. Een kade is een rand voor overslag van water naar land. In Rotterdam maken we nu kademuren met een visie. Er is meervoudig gebruik mogelijk. Flexibele, verplaatsbare kademuren zijn prachtig, maar voorlopig ook heel erg duur. En wat als straks de logistiek ingrijpend verandert?' Mogen we dat innovatie noemen, met een blik op Rotterdam 2050? De Gijt: ‘Het zijn vernieuwingen.' Die wel hard nodig zijn. Wordt onder andere vervolgd op 22 en 23 juni 2010 tijdens het Port Infrastructure Seminar van de TU Delft.
|