Kennis- en innovatieagenda Luchtvaart (KIA): op naar de uitvoering
Op spiksplinternieuwe luchthavens in China zijn Nederlandse innovaties te zien op het gebied van luchtverkeersleiding, afhandeling van passagiersstromen en duurzaamheid. In eigen land komen die vernieuwingen maar moeizaam van de grond. Hoe komt dat toch?
De goede reputatie van Nederland op luchtvaartgebied is in eigen land minder bekend dan over de grens. Hier wordt de luchtvaart op zijn best als een noodzakelijk kwaad gezien. De werkelijkheid is anders, zei Arie Kraaijeveld, voorzitter van de Raad van Toezicht van het NLR. De Nederlandse luchtvaartsector is toonaangevend, essentieel voor de Nederlandse economie en de partijen binnen die sector werken goed samen.
Prachtig voorbeeld is de Kennis- en Innovatieagenda Luchtvaart (KIA), die op 7 september 2009 is aangeboden aan minister Eurlings van Verkeer en Waterstaat, die hierbij ook VROM, EZ en Defensie vertegenwoordigde. Een brede coalitie van luchtvaartmaatschappijen, luchthavens, vliegtuigmotorenbouwers, kennisinstellingen en andere partijen kwam met een groot aantal voorstellen om innovaties in de luchtvaart aan te jagen.
"Het gaat niet om doorbraken," zei Kraaijeveld, "want er gebeurt al veel goeds. Het is de kunst om combinaties van initiatieven te maken en die uit te voeren." Dat is overigens bijna een ijzeren wet als het om innovaties gaat.
De ambities zijn hoog. De luchtvaart moet het milieu minder gaan belasten, en tegelijk een grotere bijdrage leveren aan het BNP (in 2020). In 2040 moet de luchtvaart zelfs klimaatneutraal zijn. En dat allemaal dankzij de vier s'en: sustainability, seamlessness (het naadloos in elkaar overgaan van passagiers- en goederenstromen), synergy en spin-off. Hoe? Denk daarbij aan toepassing van alternatieve brandstof, beter beheer van het luchtruim, een betere flow van passagiers en bagage op luchthavens, en vooral: meer samenwerking tussen verschillende partijen. Voorbeelden zijn er al: de KLM gaat met biobrandstof experimenteren, er zijn gedachten over een alternatieve pier en toepassing van duurzame technologie.
Tijdens de discussie bleek dat tussen ambitie en werkelijkheid nog obstakels liggen. De extreme veiligheidseisen in de luchtvaartsector belemmeren de time to market van de innovaties. De overheid blijkt een veelkoppig monster, terwijl het bedrijfsleven graag één loket zou willen. Een schitterende innovatie als landen in glijvlucht (beter voor het milieu en de geluidsbelasting voor de omgeving) staat op gespannen voet met de wens op Schiphol 35 tot 38 landingen per uur te kunnen afhandelen.
Arie Kraaijeveld toonde zich echter een optimist: "Het is bijzonder dat de sector over de gehele breedte nu samenwerkt aan innovatie. Als we onze ogen en oren openhouden en elkaar niet loslaten, dan gaat het goed."
Meld je aan
Ben jij een innovator op het gebied van water, transport en mobiliteit? Wordt dan lid van de Club van Maarssen!