Direct naar: inhoud, inloggen

Een duurzaam bereikbare Randstad

Een collega van Bert van Wee, hoogleraar transportbeleid aan de TU Delft, nam onlangs de TGV naar Aix-en-Provence en belandde daar in the middle of nowhere. Geen natransport, geen voorzieningen, niets. Bewijs voor de stelling: optimale netwerken voor auto, bus, trein en tram vormen nog geen optimaal transportsysteem.

Geen goed voor- en natransport. Dienstregelingen die niet op elkaar aansluiten. Gebouwen die mijlenver van het dichtstbijzijnde ov-knooppunt af liggen. Hoe goed trein, bus of tram ook functioneren, het zegt nog niets over het functioneren van het systeem zelf, beweert Van Wee. We zouden een stuk verder zijn in de zwaarbelaste Randstad als we de verschillende vervoersnetwerken beter op elkaar zouden afstemmen. Dat kan al op korte termijn, want er is genoeg laaghangend fruit om te plukken.

Van Wee is samen met Caspar Chorus (vakgroep Transport en Logistiek TU Delft) en Lóri Tavasszy (TNO, RUN, TUD) geselecteerd voor een onderzoeksprogramma dat zich bezighoudt met de verkeer- en vervoerproblemen in de Randstad. Hun stellingen konden rekenen op kritische aandacht van het publiek in deze sessie. Want wat is eigenlijk een optimaal transportsysteem? Denken we daar over tien jaar niet al weer heel anders over?

Tavasszy waagde een pittige stelling: de Randstad kan een verdubbeling van het goederenvervoer niet aan. En: er is geen strategische visie op goederenvervoer in de Randstad. Prompt kwam de zaal met een suggestie: kijken we wel naar best practices elders ter wereld? In China is in sommige regio's bijvoorbeeld geen goederenvervoer overdag toegestaan en zo blijft daar de boel in beweging. Tavasszy meldde gelukkig dat drie promovendi, onder wie een uit China, zo'n vergelijking gaan maken.

Je bent een rund als je met ICT stunt, stelde Caspar Chorus. De hoge verwachtingen die internet twintig jaar geleden wekte, zijn helaas niet uitgekomen. De veelbelovende nieuwe economie kwam er niet, forensen lieten de auto niet staan, congressen werden niet overbodig. ICT kan mobiliteit wel ondersteunen - bijvoorbeeld door optimale route-informatie -  maar het gebruik ervan valt in de praktijk tegen. En dan zijn er de onvermoede effecten: de telewerker die in het weekend als een bezetene gaat autorijden: "We moeten niet meer ICT in het transportsysteem pompen, maar juist meer kennis in ICT," zei Chorus. En daar kon de kritische zaal het wel weer mee eens zijn.