Club van Maarssen

Werk aan de winkel voor het Formule E-team

Elektrische autoAls het aan sommige mensen ligt rijden we zo snel en zo veel mogelijk elektrisch. Die paar honderd elektrische auto's van nu moeten in 2025 zijn uitgegroeid tot 1 miljoen emissievrije weggebruikers. Halen we dat? Wat kan Nederland zelf doen? Zorgen dat het bovenaan de agenda komt. Dat kunnen we doen!

 

Het Plan van Aanpak Elektrisch Rijden wil dat Nederland tussen 2009 en 2011 uitgroeit tot gidsland en internationale proeftuin. Daarvoor moet volgens Alexander Hablé van het Projectteam Elektrisch Rijden nog veel gebeuren: "De ambitie is er, maar we zijn er nog niet. We zijn nu nog geen koploper maar goede achtervolger. Enkele andere landen lopen voor ons uit. Alleen al in Londen rijden honderd volledig elektrische Smarts rond. Maar als we nu vol inzetten, dan kunnen we misschien wel koploper zijn in de marktintroductie. Nederland is een vlak en klein land, ideaal voor de distributie. Ongeveer 60 procent van het woon-werkverkeer wordt met de auto afgelegd. De gemiddelde woon-werkafstand is ongeveer 20 km. Dan kan de elektrische auto vanaf 2015 een prima oplossing zijn. Dat vraagt om een proeftuin hebben teneinde ook internationale spelers te interesseren. We moeten nog veel leren over het rij- en oplaadgedrag, en al zijn de elektrische auto's van nu betrouwbaar, er zitten nog wel kinderziektes in. De batterijen zijn bijvoorbeeld nog steeds van de eerste generatie." Die 1 miljoen elektrische auto's in 2025, dat is dus geen appeltje-eitje? Hablé: "Dat zijn heel veel auto's. Kenners zeggen dat het ‘a hell of a job' wordt en enkel slaagt als we tussen nu en 2020 de juiste randvoorwaarden creëren. Voldoende laadpalen bijvoorbeeld. Je moet overal kunnen inpluggen. Er is een cultuuromslag is gaande: petrolheads maken plaats voor voltheads. Er komt naast de bestaande keten nog een nieuwe keten bij. We verwachten niet dat de elektrische auto de conventionele auto straks volledig zal vervangen. Elektrische auto's en zeer zuinige brandstofauto's blijven naast elkaar bestaan."

 

Aan de grote fabrikanten ligt het volgens Hablé niet: "Vele zijn er mee in de weer. Het ‘uitstel' staat echter ook in verband met mogelijke reputatieschade als men te vroeg met een nog niet uitontwikkeld product op de markt komt. Je moet alles volledig uittesten, overal en onder alle condities, voordat je met zo'n auto op de markt komt. Dat is iets meer dan Li-ionbatterijen in de achterbak monteren. Voor een volledig elektrische auto moet het auto-ontwerp worden aangepast. De waarde van de ondernemers van de ombouwauto, die je nu op de weg ziet verschijnen, is dat zij de markt in beweging hebben gebracht in Nederland. En ze hebben vernuftige oplossingen waar ook grote spelers hun voordeel mee kunnen doen."

 

Goede raad is duur, en daarom wil de Nederlandse overheid de komende tijd 65 miljoen euro in elektrisch rijden investeren. Die injectie moet dan weer 500 miljoen euro genereren aan nationale en internationale investeringen. Eén van de breekijzers wordt het Formule E-team, dat de marktontwikkeling moet aanjagen en alle beren op de weg moet opruimen en bovenal alle partijen moet verbinden in een uiterst dynamische markt- en beleidsomgeving. Dat team is nog in oprichting, maar met een beetje geluk weten we op 4 of 5 november wie dat zijn, die leden van het Formule E-team.